Daar loopt ze, ze is pas vijf jaar oud. Moederziel alleen zwerft ze over de straten van Aweil Town. Hoe komt het toch dat kinderen – erg jonge kinderen zelfs – op straat belanden? Dat ouders hun kind zo achterlaten? Wat een gruwelijke onmacht
moet dat zijn als armoede nog dieper reikt dan waar je de bodem had verwacht en de uitzichtloosheid je radeloos drijft naar ondenkbaar handelen. Daar staat ze voor de dichte poort. Blijft de deur voor haar dicht? Bisschop Garang heeft immers al zoveel
kinderen ondergebracht, veel meer dan eigenlijk kan. Ze zijn achtergelaten, ontheemd of wees. Maar nee, de deur gaat open! Dat komt omdat zijn hart net zo openstaat als de deur voor dit meisje. En nu? Wie geeft haar eten, kleding, zorg, veiligheid en liefde? Wie zorgt dat ze straks naar school kan? Waar kan ze wonen? Een grote zorg, want hoe kun je geven als je het niet hebt? Hoe kun je geven als niemand helpt?
Maar gelukkig komt er een plek. Dicht bij de hoofdkerk van Bisschop Garang in Aweil Town, onder de bomen. Er worden 12 nieuwe huizen gebouwd in 4 blokken van 3 woningen. Met een ‘moeder’ aan het hoofd en 8 kinderen per huis. Met een gezamenlijke eetzaal, met ondersteuning van 3 maatschappelijk werkers. Een groep van pastors zal met hun gezinnen toezien op de veiligheid en stabiliteit van de kinderen in deze gezinshuizen. Als de regentijd voorbij is, zal de bouw kunnen beginnen en krijgt ook het meisje aan de poort een plek in een huiselijke gezinssituatie, waar ze in veiligheid mag opgroeien.